17. Opvoeding (1897/1898)

Mijn vader typeerde de opvoeding van zijn zes kinderen als ‘gezonde verwaarlozing’. Veel opgevoed werd er inderdaad niet: de jongens nog minder dan de meisjes (deze verklaring is geheel en al voor mijn rekening). Mijn moeder heeft mij proberen in te prenten dat ik ‘ladylike’ moest zijn (dat is niet gelukt). Mijn man en ik hebben onze dochters meer aandacht proberen te geven dan ik zelf gehad heb en ze ook serieuzer te nemen (of dat volgens hen serieus genoeg was is de vraag). Mijn kleinkinderen lijken nog meer aandacht en begeleiding te krijgen. Er is weinig dat aan het oog van hun ouders ontsnapt. 
Zo’n opvoeding kan bij u niet mogelijk geweest zijn: uw vader op zee, terwijl uw moeder en dienstbode Aleida Tengnagel (afgelost door oude bekende Elisabeth Heesterbeen vanaf begin 1898) hun handen vol hebben aan het huishoudelijke werk voor het gezin van (in 1897/1898 nog) zes kinderen.

Mijn beeld van de manier waarop kinderen in de negentiende eeuw opgroeien is dat kinderen zich snel aan moeten passen aan de regels van het gezin, desnoods met een pedagogische draai om de oren. 
De invloed van de didactische visie van ‘Vader’ Jacob Cats (1577-1660) is nog groot en blijft dat tot ver in de 20e eeuw. Een favoriet citaat van mijn vader: “Kinderen zijn hinderen”.
Ten tijde van de Verlichting worden zaligheid en (inclusief) burgerschap het doel van de opvoeding. Hieronijmus van Alphen (1746-1803) schrijft daar opvoedkundige gedichten over die tot in de negentiende eeuw populair zijn:

Al ben ik maar een kind,
Tog wordt mijn Vaderland van mij op het hoogst bemind
Ik mag er ’t onderwijs
Van wijze meesters hooren
En worde ik eens een man
Zo nuttig zijn voor ’t land
Als ik maar wezen kan


Hieronijmus van Alphen, 1778

Eind negentiende eeuw komt vanuit Duitsland, Frankrijk en Engeland een hele andere benadering van opvoeding binnengewaaid: niet primair gericht op zaligheid of burgerschap, maar op de uniciteit, volgens sommigen de heiligheid van het kind. De pedagogische ambitie wordt de opvoeding te richten op het belang van het kind. 
In 1905 wordt deze morele plicht van ouders zelfs in een wet vastgelegd: opvoeding mag niet in strijd zijn met het belang van het kind, dat opgevoed moet worden tot een gelukkige volwassen en een gedisciplineerd burger. Voortaan kan de overheid ingrijpen als ouders hun opvoedende taak verwaarlozen. Zelfs de pedagogische tik, rond 1900 nog toegestaan, wordt voortaan, in theorie, beschouwd als kindermishandeling. 
Al deze wijsheid haal ik uit een lezing van professor Jeroen Dekker in het kader van de Studium Generale van de Universiteit Utrecht. Hij signaleert overigens ook dat opvoeding in het belang van het kind niet altijd in het belang van het kind is … (Dekker, 2010). Hoe representatief zou het bijgevoegde fragment van de in het katholieke dagblad De Tijd ingezonden brief voor uw opvoeding zijn? (A.W.A., 1897)

Hoe zag uw opvoeding eruit? U en de andere kinderen zijn vermoedelijk al jong veel op zichzelf aangewezen, met incidentele lessen in zeemansdiscipline van uw vader en verder wat u in school en in de kerk leerde.

In het schooljaar 1897/1898 gaat uw oudste broer Martijn naar de tweede klas van de lagere school en uw oudste zus Fie naar de eerste klas: ‘nog maar’ vier kinderen thuis. Op de lagere school krijgen de kinderen onderwijs in lezen, schrijven, rekenen en Nederlandse taal, geschiedenis, aardrijkskunde, kennis der natuur, vormleer (= meetkunde) en zingen. De dan geldende onderwijswet vermeldt ook nog een aantal facultatieve vakken: moderne talen, wiskunde, landbouwkunde, gymnastiek, tekenen en handwerken voor meisjes. (Boekholt & Booy, 1987)

De kerk is verantwoordelijk voor het bijbrengen van de katholieke normen en waarden onder meer door middel van catechisatie-lessen. Bij mij kwam de pastoor hiervoor naar mijn lagere school, maar Martijn, en later de andere kinderen, gaan voor de catechisatie-lessen waarschijnlijk naar de parochiekerk. 
Even een tussendoortje over die parochiekerk: katholieken zijn sinds 1857 niet meer vrij te kiezen waar ze gingen kerken. Uw gezin moest voortaan naar de kerk van de Heilige Anna aan de Wittenburgergracht (ook wel: De Pool genoemd; nog geen kwartier lopen). Maar in 1887 werd deze kerk de ‘bijkerk’ van de nieuwe H. Nicolaas binnen de Veste (ruim een half uur lopen). Onlangs heb ik ontdekt dat u daar, de dag na uw geboorte, op 19 maart 1895, gedoopt bent. In 1897 wordt de kerk van de Heilige Anna weer een zelfstandige parochie. (Stadsarchief, sd)

Plattegrond van Amsterdam met de parochiale indeling van de stad, 1888 (Stadsarchief, sd).
De Alexanderkade ligt rechts van Artis, op de grens van het gele en roze gebied.

Katholieke kinderen kennen twee belangrijke mijlpalen in hun opvoeding tot goed katholiek: de Eerste Heilige Communie en het Heilige Vormsel (Confirmatio) door de bisschop. De leeftijd waarop dit plaatsvind is niet steeds dezelfde. In uw tijd gebeurt dat vermoedelijk in de, respectievelijk, eerste en tweede klas. 
Kinderen worden hierop voorbereid door de catechisatie-lessen en het uit het hoofd leren van de bijbehorende catechismus. De eerste vraag daarvan luidt: “Waartoe zijn wij op aarde?”. Het antwoord wordt er meteen bijgeleverd: “Wij zijn op aarde om God te dienen en daardoor hier en in het hiernamaals gelukkig te zijn. 

Was in het verzet gaan een manier voor u om God te dienen? En, nog moeilijker te beantwoorden: maakte het u gelukkig om actief in het verzet te zijn? Dat is vast teveel gevraagd, maar ik kan me voorstellen dat u ongelukkig zou zijn geweest als u het niet gedaan had.

Illustraties

  • Plattegrond van Amsterdam met de parochiale indeling van de stad, 1888 (Stadsarchief, sd)
  • Ingezonden brief over opvoeding van kinderen in katholiek dagblad ‘De Tijd’ (A.W.A., 1897)
  • Hoogeveens leesplankje, 1898; Foto uit eigen verzameling M.B. Hoogeveen (Hoogeveen, sd)

Bronnen

  • A.W.A. (1897, oktober 8). De Tijd. Opgehaald van Delpher: https://www.delpher.nl/nl/kranten/results?query=neurasthenie&page=1&sortfield=date&cql%5B%5D=(date+_gte_+%2208-10-1897%22)&cql%5B%5D=(date+_lte_+%2208-10-1897%22)&cql%5B%5D=ppn+any+(832688045)&coll=ddd
  • Boekholt, P., & Booy, E. d. (1987). Geschiedenis van de school in Nederland. In P. Boekholt, & E. d. Booy, Geschiedenis van de school in Nederland vanaf de middeleeuwen tot aan de huidige tijd. Assen/Maastricht: Van Gorcum.
  • Dekker, J. (2010, oktober 27). Studium Generale. Opgehaald van Universiteit Utrecht: https://www.sg.uu.nl/video/2010/10/pedagogische-ambities-de-nederlandse-geschiedenis
  • Hoogeveen, M. B. (sd). Leesplankje. Opgeroepen op januari 23, 2026, van Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Leesplankje_van_Hoogeveen#/media/Bestand:Hoogeveen’s_leesplankje.jpg
  • Stadsarchief. (sd). Opgehaald van Archief Amsterdam: https://archief.amsterdam/inventarissen/details/434/keywords/nicolaas%20binnen%20de%20veste/withscans/0/start/0/limit/10/flimit/5
  • Stadsarchief. (sd). Opgehaald van Gemeente Amsterdam: https://archief.amsterdam/beeldbank/detail/6d87f4cd-ffab-a4b3-0a53-5b82e0281504

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *